|
Toen Boeddha nog Prins Siddharta was, ontsnapte hij vaak uit het paleis waarin zijn vader hem had opgesloten om te kijken hoe het leven buiten was. Tijdens zo’n uitje trof hij eens een witharige, tandeloze gebochelde met een gerimpeld gezicht die liep te mopperen. Dit verbaasde hem zeer en de koetsier die hem vergezelde vertelde hem dat dit een oude man was. ‘Wat een schande’ riep de prins ‘dat zwakke en onwetende mensen, zo vol van hun eigen jeugdige trots, gewoon geen oog hebben voor hun oude dag! Laten we onmiddellijk naar huis gaan. Wat voor waarde hebben spelletjes en pleziertjes als de toekomst mij niets dan ouderdom brengt?’
In onze samenleving is het vrijwel onmogelijk om ‘geen oog te hebben’ voor ouderdom, aangezien in de tweede helft van de twintigste eeuw het aantal mensen tussen 60 en 79 jaar met 100% is toegenomen en het aantal mensen ouder dan 80 met ongeveer 300% is toegenomen. De gemiddelde levensverwachting is 75 jaar voor mannen en 80 voor vrouwen, en deze leeftijden zullen de komende jaren waarschijnlijk nog verder stijgen, zoveel dat nu al van een derde leeftijd wordt gesproken. Maar wat betekent het eigenlijk, om ouder te worden?
Vanuit biologisch perspectief zijn er twee tegenstrijdige groepen theorieën. De ene stelt dat ouder worden een passief proces is dat wordt veroorzaakt door de opeenstapeling van giftige stoffen in het organisme, een soort uitputting van het organisme. De andere stelt dat ouder worden een actief proces is, een soort geprogrammeerde zelfvernietiging waarbij het organisme beschadigende veranderingen opstapelt en zichzelf vernietigt. Het is hoe dan ook moeilijk om te definiëren wat veroudering is, al wordt de drempel van ouderdom meestal vastgesteld op de leeftijd van 65 jaar.
Hoe mensen ouder worden verschilt sterk van persoon tot persoon. Dit verschil is zelfs groter als we spreken over het ouder worden van de hersenen, waarin levensgeschiedenis en omgevingsinvloeden van grote invloed zijn. Bij het ouder worden treden diverse veranderingen op: het volume neemt af terwijl het gewicht verandert en de bloedtoevoer in de bloedvaten van de hersenen afneemt. Als je het brein van een ouder persoon onder de microscoop bekijkt, zijn er minder cellen in het zenuwstelsel (neuronen) te zien.
Dit alles gebeurt vooral in twee duidelijk herkenbare gebieden. De hippocampus, een structuur in het brein met de vorm van een zeepaardje, is zeer belangrijk voor het geheugen. Ook een gebied aan de achterkant van de hersenen is erg belangrijk als men ergens de aandacht op wil richten. De productie van bepaalde stoffen die neurotransmitters worden genoemd verandert ook in het oudere brein. Neurotransmitters zijn de stoffen die neuronen gebruiken om met elkaar te communiceren, zoals in een estafettewedstrijd. De functie van sommige neurotransmitters is om het zenuwstelsel te stimuleren terwijl andere dienen om het zenuwstelsel te remmen. De sterkst werkende stoffen zijn acetylcholine, belangrijk voor het geheugen; noradrenaline, voor emotionele gevoeligheid en aandacht; dopamine, voor het beheersen van bewegingen en emoties; serotonine, belangrijk voor stemmingen en de regulatie van de slaap; en GABA; dat voor een remmende werking op het brein zorgt.
Het ouder worden van het brein is hierdoor een zeer complex fenomeen. Al deze veranderingen leiden tot een gereduceerd vermogen om te leren, vooral bij het onthouden van recente informatie en afname van oplettendheid. Oudere mensen kunnen zich soms moeilijk concentreren of hebben moeite om meer dan één ding tegelijk te doen. Daarnaast resulteert ouder worden in trager spreken en een zekere moeite bij het herinneren van woorden en het plannen van een toespraak. Deze veranderingen verschillen enorm van persoon tot persoon omdat ze bijvoorbeeld ook afhankelijk zijn van opleidingsniveau en levensstijl.
Dankzij de mogelijkheid van het brein om zich door training te modificeren en om dezelfde informatie op verschillende manieren te verwerken, kunnen de gebruikelijke processen van veroudering worden vertraagd en voorkomen. Hiervoor is echter een goede levensstijl vereist, bestaand uit fysieke oefening, een evenwichtig dieet, vermindering van stress en dagelijkse oefeningen voor het brein.
|